Categorieën
Het Parool

Holland Festival brengt: Ochtendconcerten met kamermuziek

(Van onze muziekredacteur)
Het staat thans vast, dat in het Holland Festival enkele ochtenden per week kamermuziekconcerten worden gegeven in Den Haag en Amsterdam, juist zoals dat in Edinburg het geval is.

Bovendien is het nu zeker, dat de opvoeringen van “Antigone” door het Amsterdams Toneel Gezelschap, waaraan in eerste instantie was gedacht, niet doorgaan. Wel poogt men nog een andere toneelgroep bereid te vinden een Griekse tragedie te spelen.

En ten slotte kan worden gemeld, dat Erich Kleiber verhinderd is te komen dirigeren; in zijn plaats zal Charles Münch het Concertgebouworkest leiden, op 22 Juni in Amsterdam en de 23ste in Scheveningen.

Categorieën
Het Parool

“De Flambouw” financiert reis van Concertgebouworkest naar V.S.

Canada krijgt Nederlandse beeldende kunst

(Van onze muziekredacteur)
U weet reeds, dat het Concertgebouworkest 19 September de Atlantische Oceaan oversteekt om tot 20 October de Verenigde Staten en ook Canada op een reeks concerten, onder leiding van Eduard van Beinum, te vergasten. Maar wist u, dat alleen al de heen- en terugtocht (er heen gaat men met de “Nieuw Amsterdam”, dank zij de medewerking van de Holland-Amerikalijn) enkele tonnen kosten? Waar komt al dat geld vandaan?

Wel, de na de bevrijding opgerichte Stichting “De Flambouw”, die voor Nederlandse culturele manifestaties in het buitenland zorgt, heeft het benodigde kapitaal uit particuliere bron bijeengebracht. En “De Flambouw” heeft het daarbij niet gelaten. De wetenschap, dat de Canadese musea vrijwel geen hedendaagse Nederlandse beeldende kunst bezitten, heeft het plan doen rijpen aan de Canadese regering een representatieve collectie schilderijen, plastieken en grafiek van levende Nederlanders ten geschenke te geven. Enerzijds komt die verzameling tot stand door aankoop, anderzijds doordat een aantal gemeenten aan kunstenaars opdrachten geeft. Dit laatste is een suggestie van de Amsterdamse wethouder De Roos geweest.

“De Flambouw” geeft binnenkort vijf Nederlandse componisten opdracht een kort orkestwerk te schrijven met een typisch nationaal programma; één of meer van die composities zal het Concertgebouworkest in Amerika uitvoeren.

Ten slotte bereidt men een boek voor, dat de stand van onze typografie behandeld en aan Amerikaanse bibliotheken zal worden aangeboden. Ook aan de Nederlandse architectuur wordt een dergelijk boek gewijd.

Categorieën
Het Parool

Bertus van Lier’s “Hooglied” werd in Concertgebouw uitgevoerd

In de grote Concertgebouwzaal van Amsterdam dirigeerde Bertus van Lier Zaterdagavond zijn “Hooglied” en in deze omgeving kwam het werk veel beter tot zijn recht dan bij de première in de Oude Kerk tijdens het vorige Holland Festival, toen de acoustische omstandigheden zeer ongunstig waren. Om begrijpelijke redenen wil ik niet nader op de compositie ingaan. Laat mij volstaan met mede te delen, dat het “Hooglied” op de talrijke aanwezigen merkbaar een diepe indruk heeft gemaakt en men heeft de uitvoerenden langdurig toegejuicht.

Allereerst noem ik Dora van Doorn-Lindeman, die de moeilijke sopraanpartij volledig beheerste. Ook Wiebe Drayer (tenor) voldeed goed en Jan Duiveman gaf al zijn krachten aan de ondankbare baspartij. Het Nederlands Vocalisten Ensemble verzorgde de koorpartijen en het Amsterdams Kamermuziekgezelschap speelde op uitmuntende wijze het instrumentale deel van de partituur.

Vóór de pauze behaalde Clara Haskil een stormachtig succes met haar aangrijpende en volmaakt-persoonlijke vertolking van Mozart’s pianoconcert in Es (K.V. 271). Men heeft in het bijzonder kunnen genieten van werkelijk doorleefd musiceren, want met het kleine kamerorkest, samengesteld uit leden van het Concertgebouworkest, bereikte Bertus van Lier een uniek ensemble, dat even bezield speelde als de soliste.

Het publiek voelde, dat hier iets onalledaags werd gepresteerd en het liet Clara Haskil slechts na een toegift gaan. Toen pas bedaarden de bijna wilde toejuichingen.

LEX VAN DELDEN

Categorieën
Het Parool

Nieuws over Holland Festival

(Van onze muziekredacteur)
“Thans staat vast, dat het Monte Carlo Ballet in het Holland Festival onder leiding van Monteux en met medewerking van het Concertgebouworkest, “Petroesjka” zal dansen in de oude, originele costuums en décors van Alexandre Benois. Heel bijzonder is, dat Tamara Toumanova dank zij de medewerking van de Parijse Opera, waaraan zij verbonden is, de moeilijke rol van de Pop zal vertolken. Twee voorstellingen gaan er in Amsterdam, één in Den Haag.” Dit voor dansliefhebbers zo verheugende nieuws vertelt mij de heer Peter Diamand, secretaris van het Holland Festival.

“Bovendien”, zegt hij, “geeft het Monte Carlo Ballet nog meer voorstellingen tegen goedkope prijzen en zijn er onderhandelingen gaande het te laten optreden in het openluchttheater van Bloemendaal.

Bijzonder veel aandacht heeft de heer Diamand voor de kamermuziek, die vorig jaar niet voldoende naar voren trad. “Wij overwegen een belangrijk experiment, dat neerkomt op het uitvoeren van kamermuziek in ochtendconcerten. Wij proberen naast de avonden, die aan deze muziekvorm zijn gewijd, twee ochtenden per week in Amsterdam en Den Haag er voor in te ruimen: waarschijnlijk van 11 tot 12 uur. Behalve Nederlandse ensembles als Felix de Nobel’s Kamerkoor trachten wij het publiek daarheen te trekken door ook buitenlandse solisten als Pears, Britten en Goldberg te laten optreden.

Ook onze dilettantenkoorzang komt aan bod: 24 Juni organiseert de Mij. Caecilia in Scheveningen een groot koorconcert, waarvoor enkele belangrijke mannenkoren zijn uitgenodigd, o.a. de Maastreechter Staar en de Haghesanghers. Gepoogd wordt een dergelijk concert ook in Amsterdam te geven. In tegenstelling met lopende geruchten verzeker ik U, dat de voorstellingen van Hendrik Andriessen’s “Philomela” en Weber’s “Oberon” doorgaan; de repetities van de Ned. Opera zijn reeds in volle gang.

En ten slotte staat nu vast, dat het Amsterdamse deel van het Festival wordt besloten met een populair concert door het Concertgebouworkest o.l.v. Eduard van Beinum in de Apollohal.”

Categorieën
Het Parool

Stanley Pope dirigeerde Beethoven-programma

Een volledige indruk van de capaciteiten van de jonge Engelse dirigent Stanley Pope heeft Amsterdam gisteravond in de matig bezette grote Concertgebouwzaal niet kunnen krijgen. Daarvoor was het programma, dat het Rotterdams Philharmonisch Orkest onder zijn leiding speelde, te eenzijdig: Beethoven’s 2de en 5de Symphonie en de Ouverture Leonore III. Maar wèl heeft men kunnen constateren, dat Pope zijn partituren volledig beheerst (hij dirigeerde uit zijn hoofd), zeer duidelijke, soms wel wat “spectaculair-magische”, maar steeds “sprekende” gebaren heeft en bovendien vervuld is van een sterk geladen musiceerdrift.

Vooral van de 5de Symphonie gaf hij een uiterst boeiende en indrukwekkende vertolking, waaruit de geboren dirigent sprak. Overigens leek mij een dergelijk concert voor Amsterdam vrij overbodig: het Concertgebouworkest voorziet immers al voldoende in de behoefte aan Beethoven.

LEX VAN DELDEN

Categorieën
Het Parool

Nieuwe gramofoonplaten

Operaliefhebbers vóór

(Van onze muziekredacteur)
Zowel Columbia als Decca moet de operaliefhebbers, die een gramofoon bezitten, een warm hart toedragen: beide maatschappijen brachten voor hen enkele nieuwe opnamen uit. Bijzonder mooi is Col. LX 1208: het Intermezzo uit Mascagni’s “Cavalleria Rusticana” en dat van de derde acte uit Puccini’s “Manon Lescaut”, prachtig gespeeld door de Weense Philharmonie onder Herbert von Karajan en volmaakt gereproduceerd (f 6.50).

Al die voortreffelijke kwaliteiten heeft ook de opname van Gluck’s Ouverture “Alceste” door het Concertgebouworkest o.l.v. Eduard van Beinum op Decca X 10190 (f 6.75). Frans Vroons’ mooie tenor komt in twee aria’s van Puccini (uit “Tosca” en “Manon Lescaut”), begeleid door een orkest onder Hugo de Groot, volledig tot zijn recht (Decca XP 6041, f 5.10). En de opgewekte, geestige Ouverture “Orpheus in de Onderwereld” van Offenbach werd door het National Symphony Orchestra bijzonder voortvarend uitgevoerd onder Stanford Robinson’s leiding. Maar de opname is wat ondoorzichtig en weinig genuanceerd (Decca XP 6037, f 5.10).

Chopin-liefhebbers kunnen de Nocturne opus 48 no. 1 en de Mazurka opus 41 no. 2 voortreffelijk horen spelen door Malkoezinski op Col. LX 1228 (f 6.50), een opname die technisch aan de hoogste eisen voldoet. Evenals de plaat, waarop Isaac Stern in De Sarasate’s “Zigeunerweisen” bewijst tot de allerbeste violisten van deze tijd te behoren (Col. LX 1156, f 6.50).

Categorieën
Het Parool

Contact van Holland Festival met Salzburg en Edinburg

(Van onze muziekredacteur)
Enkele nieuwe plannen van het Holland Festival zijn dezer dagen zeker geworden.

Bijzonder belangrijk is de bijeenkomst van vertegenwoordigers der Festivals in Edinburg, Salzburg en Nederland op 16, 17 en 18 Januari in Den Haag, waar zowel artistiek als organisatorisch overleg wordt gepleegd om zodoende te komen tot een samenwerking zonder rivaliteit in het teken van de Europese verbondenheid.

De avonden, dat de Ned. Opera onder Monteux Ravel’s “L’heure Espagnole” opvoert, worden verder gevuld met Chabrier’s eenacter “Une éducation manquée”.

In het Amsterdamse Concertgebouw geeft het Concertgebouworkest vijf concerten, het Residentie Orkest twee. Het tweede van de door Van Beinum te dirigeren concerten vermeldt een Nederlands programma, ter gelegenheid van het 75-jarig bestaan der KNTV: werken van Wagenaar, Van Gilse, Voormolen, Henkemans en dr. Rudolf Mengelberg worden dan uitgevoerd.

Op toneelgebied is nieuw, dat behalve de Old Vic ook de Young Vic komt: begin Juli geeft dit gezelschap in Bloemendaals openluchttheater Shakespeare’s “Midzomernachtsdroom”.

Het Holland Festival besteedt dit jaar bijzondere aandacht aan de organisatie van het publiek. Men is van plan het bezoek te stimuleren door ook buiten de grote steden niet-persoonlijke weekabonnementen uit te reiken. Bovendien gaat men vrij veel voorstellingen geven tegen lage toegangsprijzen. Zo zullen in het Concertgebouw enkele Nederlandse orkesten optreden en ook geeft het Concertgebouworkest een massaconcert in de Apollohal. De Ned. Opera en het Monte Carlo Ballet zullen ook tegen gereduceerde prijzen voorstellingen geven.

Het plan bestaat in Londen een Holland Festival Society op te richten, die voor faciliteiten zal zorgen als Engelsen het Festival hier willen bezoeken.

En om u een indruk te geven welke enorme voorbereidingen een festival vergt: reeds volgende maand vergadert het Holland Festival Comité over de plannen voor 1951!

Categorieën
Het Parool

Monteux dirigeert voor het laatst in Europa

(Van onze muziekredacteur)
Het staat thans vast, dat Pierre Monteux in het Holland Festival opvoeringen zal dirigeren van Strawinski’s ballet “Petroesjka”, waarvan hij indertijd de première leidde. Het wordt gedanst door het Monte Carlo Ballet, de muziek wordt gespeeld door het Concertgebouworkest. Men moet dit zien als Monteux’ afscheid van Europa als dirigent; hij heeft nl. te kennen gegeven na dit jaar niet meer in Europa als dirigent op te treden, en dit afscheid wilde hij nemen met een of meer werken, die hij jaren geleden creëerde. Zijn werk in San Francisco als leider van het Symphonie-orkest aldaar zou normaal doorgaan.

Categorieën
Het Parool

Prachtige uitvoering van drie Cantates

Het Bachjaar geopend

De Nederlandse Bachvereniging heeft haar bijdrage tot de viering van het Bachjaar gisteravond ingezet in de stampvolle Amsterdamse Bachzaal (een coïncidentie, deze plaats, of juist om die naam gekozen?). Het is een uitermate geslaagd begin geweest en dat komt voor een aanzienlijk deel op rekening van het koor zelf. Want de manier, waarop het onder zijn dirigent, dr. Anthon van der Horst, de eerste drie cantates uit het Weihnachtsoratorium zong, was in alle opzichten voorbeeldig. vDit werk behoeft geenszins in zijn geheel met Kerstmis te worden uitgevoerd, ondanks de naam “Kerstoratorium”. Want het bestaat uit zes afzonderlijke cantates, die op bepaalde dagen van het kerkelijk jaar betrekking hebben. Slechts het feit, dat zij de geboorte van Christus behandelen, zorgde voor de naam.

En zo hoorde men dan gisteren drie cantates, die bedoeld zijn resp. voor Nieuwjaar, de Zondag daarna en Driekoningen. Minder imposant, minder machtig misschien dan een Mattheus-Passie bijvoorbeeld, maar daarom nog niet minder overtuigend. Men moet daarbij vooral niet vergeten, dat het hier te doen is om een niet zo aangrijpend stuk dramatiek als het lijdensverhaal, maar om de geboorte van Christus. Vandaar dan ook, dat deze muziek veel liefelijker is, ik zou haast zeggen: lichter en feestelijker.

In die geest heeft men de cantates uitgevoerd. En het was daarbij bijzonder treffend, dat juist de jeugdige solisten zo ontroerden. Met name de alten Clementine Oomes, Aafje Heynis en de tenor John van Kesteren. Het spreekt vanzelf, dat Jo Vincent de sopraanpartij alle recht deed wedervaren. Slechts de bas Leo Ketelaars viel in dit fris-zingende milieu wat tegen.

Ten slotte: hulde voor de leden van het Concertgebouworkest, die samen met Albert Klerk (orgel) een niet te overtreffen instrumentaal koor vormden.

LEX VAN DELDEN

Categorieën
Het Parool

Grote kans op tournée van het Concertgebouworkest door Verenigde Staten

(Van onze muziekredacteur)
Er bestaat grote kans, dat het Concertgebouworkest in dit najaar een tournée door de Verenigde Staten gaat maken. Alle voorbereidingen zijn getroffen en men wacht slechts op het ogenblik, dat enkele moeilijkheden betreffende het reizen zijn opgelost. Zoals men zal begrijpen, eist het reizen door een zo uitgestrekt gebied als Noord-Amerika, vooral financieel, grote offers.

Het is de bedoeling, dat twee dirigenten het orkest zullen leiden. Eén is natuurlijk Eduard van Beinum, wie de andere zal zijn, staat nog niet vast.