Categorieën
Het Parool

Vioolrecital door Nadia Koutzen

Vorig jaar schijnt de jeugdige violiste Nadia Koutzen een voortreffelijke indruk in Amsterdam te hebben gemaakt; en nu ik haar (bij haar tweede bezoek) voor het eerst in de kleine Concertgebouwzaal hoorde, kan ik dat wel begrijpen. Zij ontroert door een broze, vrouwelijke tederheid, welke soms hartveroverend is. En haar mooie stokvoering en goede linkerhandtechniek stellen haar in staat die ontroering te realiseren.

Dat is veel, en in dit opzicht is Nadia Koutzen dan ook stellig een aparte verschijning met een duidelijke artisticiteit. Maar daarnaast meende ik gisteravond toch tekorten op te merken, zowel technische als artistieke. Zo was bijvoorbeeld het passagespel lang niet steeds helder en egaal, en de expressieve macht van haar optreden leek mij nog te pril om tot hartstochtelijke bewogenheid te geraken. Juist daardoor bleef Brahms’ sonate in D te weinig overtuigend en ook Bach’s partita in E kreeg niet alle diepte.

Veel beter voldeed Ravel’s Tzigane, al miste ik ook hier de grote lijn. Mogelijkerwijze heeft Ivor Newton’s wat dorre en te weinig genuanceerde begeleidingskunst haar belet zich volledig te ontplooien. Zeker is dat hier geen sprake kon zijn van een ensemble; daarvoor was er te weinig evenwicht in de klankverhoudingen.

Een hartelijk applaus dwong de violiste enkele toegiften te geven; een er van was een nocturne van haar vader Boris Koutzen: een welluidende, maar weinig persoonlijke, laat-romantische muziek.

LEX VAN DELDEN